Naar de hoofdinhoud
Scanready Nu toetsen
MLBF · strategie diensten, versie van 08.01.2026

Wat het markttoezicht werkelijk doet — nagelezen in zijn eigen strategie

Over toezicht op toegankelijkheid gaan veel vermoedens rond en weinig bewijs. Toch heeft de bevoegde instantie gepubliceerd hoe ze te werk gaat. We hebben het document gelezen. Er staat iets opmerkelijks in — en één veelgehoorde bewering ontbreekt er nadrukkelijk.

Wie er eigenlijk bevoegd is

Eén instantie, landelijk, sinds 2025 — en uitdrukkelijk niet uw juridisch adviseur.

De Europese Toegankelijkheidsakte (Richtlijn (EU) 2019/882) laat de handhaving aan de lidstaten. Duitsland zette haar om in de Barrierefreiheitsstärkungsgesetz (BFSG), en de deelstaten richtten daarvoor één gezamenlijke instantie op: de Marktüberwachungsstelle der Länder für die Barrierefreiheit von Produkten und Dienstleistungen, een publiekrechtelijk lichaam bekend als MLBF, gevestigd aan de Carl-Miller-Straße 6 in 39112 Maagdenburg. Zij houdt landelijk toezicht — er is geen bevoegdheid per deelstaat en dus geen verschil tussen Noordrijn-Westfalen, Beieren en Saksen.

De BFSG geldt sinds 28 juni 2025. De wet kent geen eerbiedigende werking voor bestaande websites: § 1, lid 3 kijkt of een dienst na die datum aan consumenten wordt geleverd, niet naar wanneer de site is gebouwd.

Wat de MLBF zegt niet te leveren: juridisch advies. Haar wettelijke opdracht, schrijft ze, omvat geen „juridisch advies door de markttoezichthouder”; wel stelt ze informatie beschikbaar aan het publiek en publiceert ze over haar werk en beslissingen. Advies aan micro-ondernemingen is uitdrukkelijk de taak van het Federaal Bureau voor Toegankelijkheid (§ 15 BFSG).

Bij de MLBF bestaat bovendien een adviesraad waarin belangenorganisaties van mensen met een beperking en werkgeverskoepels samen zitten — onder meer de Duitse Gehandicaptenraad, de ambachtskoepel ZDH, de kamerkoepel DIHK, Bitkom en de boekhandelsvereniging. Dat is geen bijzaak: daar worden de prioriteiten van de instantie inhoudelijk begeleid.

Twee documenten die vrijwel niemand heeft gelezen

Op haar website publiceert de MLBF onder „Marktüberwachungsstrategien” twee pdf-bestanden: een markttoezichtstrategie voor producten en een markttoezichtstrategie voor diensten. Beide dragen de datum 8 januari 2026. Voor webwinkels geldt de tweede, want een webwinkel is een „dienst van de elektronische handel” in de zin van § 1, lid 3, nr. 5 BFSG.

De productenstrategie vervult naar eigen zeggen de wettelijke opdracht van § 20, lid 2 BFSG. De dienstenstrategie is „aanvullend op die voor producten als intern werkdocument opgesteld” — ze hoeft dus niet eens te bestaan, en toch is ze openbaar. Beide zijn als sectoraal onderdeel ingebed in de nationale Duitse markttoezichtstrategie en volgen de indeling daarvan.

De opbouw is in beide dezelfde. Centraal staat een tweedeling die door het hele stuk wordt volgehouden: de instantie onderscheidt actief (zonder concrete aanleiding) en reactief (op aanleiding) markttoezicht. Reactief betekent dat er een verzoek, een klacht of een zelfmelding ligt. Actief betekent dat er niets ligt — en de instantie tóch kijkt.

Wie wil weten hoe de toezichthouder werkt, hoeft dus niet te speculeren. Hij hoeft twee pdf-bestanden van elk minder dan 80 kilobyte te openen.

Dienstenstrategie, hoofdstuk 3.X.2.1

De zin waar het om gaat

De dienstenstrategie bevat één zin die voor iedereen met een website direct praktisch is.

In het hoofdstuk over marktdekking staat, in het Duitse origineel: „Zur effizienten Durchdringung des Markts setzt die MÜB insbesondere bei webbasierten Dienstleistungen auf automatisierte Vorprüfungen. Durch den Einsatz technischer Prüfsoftware ist es möglich, eine deutlich größere Anzahl an Dienstleistungen in der Breite zu erfassen, als dies durch rein manuelle Prüfungen möglich wäre.” In het Nederlands: voor een efficiënte marktdekking zet de toezichthouder bij webgebaseerde diensten in het bijzonder in op geautomatiseerde voorcontroles; met technische testsoftware kan een aanzienlijk groter aantal diensten in de breedte worden bereikt dan met louter handmatige controles.

Consistent daarmee noemt hetzelfde document uitdrukkelijk de „resultaten van geautomatiseerde voorcontroles” als risicofactor voor actief toezicht — naast gebruikersbereik, ondernemingsgrootte, belang voor zelfstandig leven, complexiteit en interactiviteit van de dienst, publieke gebruikersfeedback en markttrends. In de strategie voor producten ontbreekt dit punt; het is eigen aan het dienstendeel, en webgebaseerde diensten worden expliciet genoemd.

Daarmee is onderbouwd wat tot nu toe alleen werd beweerd: de bevoegde instantie controleert websites niet uitsluitend als iemand klaagt, en niet uitsluitend met de hand. Ze zet testsoftware in om in de breedte te komen — en de resultaten van die voorcontroles bepalen mede wat ze daarna nader bekijkt.

En nu wat er niet staat. Er staat geen datum in. Geen omvang, geen aantal gecontroleerde sites, geen naam van een gereedschap, geen drempel waarboven een bevinding wordt doorgezet. Wie schrijft „vanaf het derde kwartaal van 2026 wordt automatisch gescand” haalt dat niet uit een bron maar verzint het. We weten dat precies, omdat die bewering twee keer in onze eigen teksten stond en twee keer moest worden verwijderd nadat we haar bij de bron niet terugvonden.

En een voorcontrole blijft een voorcontrole. Ze is het filter ervoor, niet de toetsing zelf. Hoe de eigenlijke toetsing eruit moet zien, staat in de wet — zie de volgende paragraaf.

§ 28, lid 2 BFSG

Waaraan wordt getoetst: bijlage 1 BFSG

De steekproef is geen kwestie van willekeur. De wet schrijft voor welke pagina’s erin horen.

§ 28, lid 1 BFSG dekt het geval met aanleiding: heeft de instantie reden aan te nemen dat een dienst niet aan de eisen voldoet, dan toetst zij. De onderschatte zin staat in lid 2: de markttoezichthouder toetst een dienst „ook zonder concrete aanleiding aan de hand van passende steekproeven, op geschikte wijze en in passende omvang”. En voor websites of mobiele toepassingen past zij de voorschriften van bijlage 1, nr. 1 toe en kiest zij de steekproef volgens bijlage 1, nr. 2.

Bijlage 1, nr. 1 beschrijft de toezichtmethode. Zij is uitdrukkelijk technologieneutraal en onafhankelijk van bepaalde testgereedschappen, besturingssystemen of browsers. Getoetst worden waarneembaarheid, bedienbaarheid, begrijpelijkheid en robuustheid — de vier principes die ook WCAG structureren. Letter a) eist dat alle processtappen worden getoetst, ten minste in de standaardvolgorde van een gewone gebruiker. Voor een webwinkel betekent dat het bestelproces, van product tot bevestiging. Letter b) noemt uitdrukkelijk formulieren, bedieningselementen, dialoogvensters, invoerbevestigingen, foutmeldingen en het gedrag bij verschillende hulptechnologieën.

Bijlage 1, nr. 2 legt de steekproef vast. Daarin horen, voor zover aanwezig:

  • de startpagina, het inloggen, de sitemap, de contactpagina, hulppagina’s en hulpfuncties en pagina’s met juridische informatie
  • ten minste één relevante pagina per soort dienst en per verder hoofddoel, inclusief de zoekfunctie
  • de pagina met de toegankelijkheidsinformatie van § 14, lid 1, nr. 2 in samenhang met bijlage 3
  • als voorbeeld gekozen pagina’s met een duidelijk ander uiterlijk of andere soorten inhoud
  • ten minste één relevant downloadbaar document per soort dienst en per hoofddoel
  • alle verdere pagina’s die de toezichthouder relevant acht
  • en daarbovenop, willekeurig gekozen, ten minste 10 procent extra pagina’s en documenten

Deze lijst is de beste beschikbare aanwijzing waar je zelf eerst moet kijken — het is wettekst, geen advies. Opvallend is dat ze bijna volledig bestaat uit pagina’s die veel beheerders als bijzaak zien: contact, hulp, juridische teksten, inloggen. Het willekeurige aandeel van tien procent zorgt er bovendien voor dat een gevel die alleen op de startpagina is geoptimaliseerd, het niet houdt.

Eerlijk daarbij: ons eigen gereedschap volgt het paginakeuze-deel van die lijst grotendeels — start, categorie, product, winkelwagen, inloggen, contact, colofon, privacy. Het volgt niet het procesdeel van nr. 1, letter a): de winkelwagen wordt geopend maar niet gevuld, en er wordt geen bestelling doorlopen. Wat een geautomatiseerde test principieel niet kan, staat uitgebreid in het artikel over de meestvoorkomende barrières.

§ 29 BFSG

Wat er gebeurt als er iets wordt gevonden

De procedure is getrapt, en de eerste trap is een termijn, geen boete.

§ 29 BFSG kent voor diensten drie trappen. Komt de instantie tot het oordeel dat niet aan de eisen wordt voldaan, dan gelast zij de dienstverlener onverwijld binnen een door haar gestelde redelijke termijn passende maatregelen te nemen (lid 1). Blijft dat zonder gevolg, dan volgt een tweede aanmaning, ditmaal onder dreiging van een verbod, opnieuw met redelijke termijn (lid 2). Pas daarna treft zij de noodzakelijke maatregelen en kan zij met name gelasten het aanbieden of leveren van de dienst te staken (lid 3). Toont de dienstverlener aan dat de conformiteit is hersteld, dan trekt de instantie het bevel in.

De markttoezichtstrategie beschrijft precies dit getrapte model nog eens in eigen woorden en plaatst het uitdrukkelijk onder het „evenredigheidsbeginsel”: eerst de aanmaning tot correctie, dan beperking en verbod, dan boete.

Over de hoogte: § 37, lid 2 BFSG noemt tot 100.000 euro — maar alleen voor de in lid 1, nrs. 1, 7, 8, 9 en 10 opgesomde gevallen. Voor een webwinkelier is daarvan nr. 8 relevant: een dienst aanbieden of leveren die niet voldoet aan de eisen van de uitvoeringsverordening (§ 14, lid 1 BFSG). In alle overige gevallen — waaronder de informatie- en inlichtingenplichten — ligt het maximum op tot 10.000 euro. Beide bedragen zijn maxima van een bandbreedte, geen standaardbedragen.

Eén ordenende opmerking: een bestuurlijke overtreding vereist opzet of nalatigheid (§ 37, lid 1). En de getrapte procedure betekent dat er tussen het eerste contact en een verbod minstens twee gestelde termijnen liggen. Dat is het verschil tussen toezicht en een valstrik — en de reden waarom paniekzaaierij bij dit onderwerp niet alleen onsympathiek is, maar simpelweg onnauwkeurig.

§ 32 BFSG

Het verzoekrecht: de route die vrijwel niemand kent

Een consument kan om een procedure verzoeken — en de instantie moet die dan starten.

§ 32, lid 1, eerste volzin BFSG is kort en ondubbelzinnig: op verzoek van een consument moet de markttoezichthouder een procedure tot maatregelen tegen een marktdeelnemer starten — mits de consument stelt dat er sprake is van een overtreding en dat hij de dienst daardoor niet of slechts beperkt kan gebruiken. De betrokken marktdeelnemer moet vervolgens gelegenheid krijgen te reageren, en over het verzoek wordt bij besluit beslist (lid 3).

De consument kan het verzoek ook laten indienen door een op grond van § 15, lid 3 van de Duitse wet gelijke behandeling gehandicapten erkende vereniging of door een instantie als bedoeld in § 3, lid 1, eerste volzin, nr. 1 van de wet inzake verbodsacties. En volgens lid 2 kunnen zulke verenigingen en instanties uit eigen hoofde verzoeken, mits de gestelde overtreding hun statutaire taak raakt — „voor het inroepen van dit recht is geen eigen rechtsinbreuk van de verzoeker vereist”.

Daar komt een weinig opgemerkt inlichtingenrecht bij: op grond van § 28, lid 4 BFSG verstrekt de instantie een consument op verzoek de bij haar beschikbare informatie over de vraag of een bepaalde marktdeelnemer aan de toegankelijkheidseisen voldoet — en de beoordeling waarmee die zich eventueel op een uitzondering van § 16 of § 17 beroept.

De markttoezichtstrategie kwalificeert deze verzoeken zelf als centrale informatiebron en schrijft dat „een wezenlijk deel van de middelen” naar onderbouwde gevallen uit het reactieve toezicht gaat; door de wettelijke opzet hebben die maatregelen voorrang. Anders gezegd: het verzoek van één consument weegt in de middelenverdeling zwaarder dan welke speculatie over geautomatiseerd massaonderzoek ook.

Wat ook de instantie openlaat

Bij volledigheid hoort zeggen waar de bron zwijgt.

Er is geen minimumniveau van controle. De strategie zegt het zelf: omdat de BFSG pas sinds 28 juni 2025 wordt toegepast, zijn er „voor de huidige strategieperiode geen historische gegevens over aantallen zaken of gebrekpercentages” waaruit een kwantitatief minimum kan worden afgeleid. De nadruk ligt daarom op het waarborgen van reactievermogen en op het kwalitatief opbouwen van een gegevensbasis. Wie beweert dat de instantie „X webwinkels per maand” controleert, verzint een cijfer dat naar haar eigen zeggen nog niet bestaat.

Er is geen Europees meldsysteem voor diensten. Voor producten melden de instanties niet-conformiteiten via het federale instituut voor arbeidsveiligheid aan de Commissie en de andere lidstaten. Voor diensten stelt de strategie uitdrukkelijk dat een geformaliseerd meldsysteem via centrale EU-databanken zoals ICSMS niet uit de BFSG voortvloeit en momenteel niet is voorzien; de samenwerking verloopt per geval.

De toetsmethodiek in detail is niet gepubliceerd. Welke software, met welke regelsets, vanaf welke bevinding een voorcontrole een echte toetsing wordt: dat staat in geen van beide documenten. We raden er niet naar.

Wel bekend is waarop wordt geprioriteerd. Voor actief toezicht noemt de strategie vooral het belang voor zelfstandig leven en de marktdekking — bij diensten met groot bereik treft ontbrekende toegankelijkheid velen. Bij een lokaal of sectoraal monopolie wordt hoge marktdekking ook aangenomen als de absolute gebruikersaantallen klein zijn. En wie al eerder opviel, of weinig bereidheid tot meewerken toonde, wordt „met voorrang gecontroleerd” en hoger ingeschat qua risico.

Het beeld dat ontstaat, is nuchter. De instantie werkt risicogestuurd, getrapt en met beperkte middelen — en bij websites zet ze testsoftware in, simpelweg om in de breedte te komen. Geen dreigend onheil. Maar ook niet de rust die velen afleiden uit het feit dat ze tot nu toe niets hebben gehoord.

Bronnen

Alle bepalingen zijn op 27 augustus 2026 bij de primaire bron gecontroleerd. Citaten volgen de tekst van de toepasselijke versie; Duitse wetteksten worden in het origineel aangehaald en vertaald.

  1. Barrierefreiheitsstärkungsgesetz (BFSG) van 16 juli 2021 (BGBl. I blz. 2970), laatstelijk gewijzigd bij artikel 32 van de wet van 6 mei 2024§ 1, lid 3, nr. 5 — toepassingsgebied, diensten van de elektronische handelhttps://www.gesetze-im-internet.de/bfsg/__1.html (opent in een nieuw venster)Geraadpleegd op 27.08.2026
  2. BFSG§ 28 — markttoezicht op diensten, in het bijzonder lid 2 (steekproeven zonder concrete aanleiding) en lid 4 (informatie aan consumenten)https://www.gesetze-im-internet.de/bfsg/__28.html (opent in een nieuw venster)Geraadpleegd op 27.08.2026
  3. BFSGBijlage 1 (bij § 28) — toezicht op diensten: nr. 1 methode, nr. 2 steekproevenhttps://www.gesetze-im-internet.de/bfsg/anlage_1.html (opent in een nieuw venster)Geraadpleegd op 27.08.2026
  4. BFSG§ 29 — maatregelen bij diensten die niet aan de toegankelijkheidseisen voldoen (getrapte procedure)https://www.gesetze-im-internet.de/bfsg/__29.html (opent in een nieuw venster)Geraadpleegd op 27.08.2026
  5. BFSG§ 32 — rechten van consumenten, erkende verenigingen en gekwalificeerde instanties in de bestuurlijke procedurehttps://www.gesetze-im-internet.de/bfsg/__32.html (opent in een nieuw venster)Geraadpleegd op 27.08.2026
  6. BFSG§ 37 — bestuurlijke boetes, in het bijzonder lid 1, nr. 8 en lid 2 (tot 100.000 euro respectievelijk tot 10.000 euro)https://www.gesetze-im-internet.de/bfsg/__37.html (opent in een nieuw venster)Geraadpleegd op 27.08.2026
  7. BFSG§ 15 — adviesaanbod van het Federaal Bureau voor Toegankelijkheidhttps://www.gesetze-im-internet.de/bfsg/__15.html (opent in een nieuw venster)Geraadpleegd op 27.08.2026
  8. Marktüberwachungsstelle der Länder für die Barrierefreiheit von Produkten und Dienstleistungen (MLBF AöR), „Marktüberwachungsstrategie für die Dienstleistungen des BFSG”, versie van 08.01.2026Hoofdstukken 3.X.2 (actief en reactief toezicht, risicofactoren), 3.X.2.1 (geautomatiseerde voorcontroles), 3.X.3 (prioritaire gebieden), 3.X.4 (minimumniveau van controle, handhaving), 3.X.5 (samenwerking). Pdf, gelinkt vanaf de pagina „Marktüberwachungsstrategien”https://www.mlbf-barrierefrei.de/Marktüberwachungsstrategien/ (opent in een nieuw venster)Geraadpleegd op 27.08.2026
  9. MLBF AöR, „Marktüberwachungsstrategie für die Produkte des BFSG”, versie van 08.01.2026Hoofdstukken 3.X.1 (bevoegde instantie en contactgegevens), 3.X.2 (risicogestuurde aanpak). Pdf, gelinkt vanaf dezelfde paginahttps://www.mlbf-barrierefrei.de/Marktüberwachungsstrategien/ (opent in een nieuw venster)Geraadpleegd op 27.08.2026
  10. MLBF AöR, pagina „Über Uns”Taken, bevoegdheid, ontbreken van een adviesopdracht, adviesraad en samenstellinghttps://www.mlbf-barrierefrei.de/Über-Uns/ (opent in een nieuw venster)Geraadpleegd op 27.08.2026
  11. Richtlijn (EU) 2019/882 van het Europees Parlement en de Raad van 17 april 2019 betreffende de toegankelijkheidsvoorschriften voor producten en dienstenDe handeling die de BFSG omzet (Europese Toegankelijkheidsakte)https://eur-lex.europa.eu/eli/dir/2019/882/oj (opent in een nieuw venster)Geraadpleegd op 27.08.2026

Verder lezen

Wie is uitgezonderd — en wie alleen in schijn

De micro-ondernemingsuitzondering in de exacte tekst, zuivere zakelijke verkoop en drie zelden genoemde uitzonderingen.

De meestvoorkomende barrières in webwinkels

792 bevindingen op 20 sites — en wat een geautomatiseerde test principieel niet ziet.

Handhaving en aanmaningen

Drie routes die voortdurend door elkaar worden gehaald: markttoezicht, verzoek door een vereniging en concurrent.

Test, herstel en doorlopende bewaking

Wat we doen, wat het kost en waaraan het keurmerk is gebonden.

Wat zou een voorcontrole op uw site vinden?

Hetzelfde soort gereedschap, dezelfde norm: EN 301 549 V3.2.1 met verwijzing naar WCAG 2.1 AA. Voer uw adres in en zie het getal meteen.

Website testen Geldt dit voor mij?